De eerste keer dat mijn leven mislukte, was ik vijf. Mijn moeder had me aan de rand van het water gezet met een schep en emmer. Alle andere kinderen om me heel bouwden aan een zandkasteel dat telkens instortte door een nieuwe golf. Ik weet nog dat ik het niet begreep, dat ze het niet erg vonden. Iedere keer begonnen ze gewoon opnieuw. Ik niet. Ik deed helemaal niets, vanwege al dat water.

De tweede keer dat mijn leven mislukte, was ik twaalf. Het was midden in de winter, niemand wilde naar buiten omdat het zo koud was. Dus verzonnen de kinderen van de klas een spel. Wie het meeste water kon drinken, werd de kapitein. Ik hield van dat woord, en geloofde dat de anderen wel met we wilden omgaan als ik die titel droeg. Dus dronk ik tweeëneenhalve liter achterelkaar op. Ik won, al noemde niemand me kapitein. Ik kotste in de gang, de conrector zei dat ik het zelf op moest ruimen.

De derde keer dat mijn leven mislukte, was ik zestien. Ik had de laptop aan het snoer naast de rand van het bad gezet. Alleen een tikje was genoeg. Daarna zou alles anders zijn. Ik bewoog twee vingers ernaartoe. Mijn moeder stootte de deur open, in haar hand een grote wasmand die uitpuilde van de kleren. Ik was veel te bloot, het schuim was allang weggetrokken.

‘Niet met die laptop zo,’ zei ze. 

En stoof door naar de wasmachine zonder verder nog naar me te kijken. Ik durfde geen tikje meer te geven en bleef nog een uur roerloos in een koud bad zitten.

De vierde keer dat mijn leven bijna mislukte was vandaag. Ik stond met mijn voeten in het zeewater. In de verte lag een schip, dat zachtjes heen en weer dobberde. De schaduw van de drie masten krulde in het water. Ik zat niet op dat schip. Heel mijn leven lang had water me overspoeld. Niet wetende dat je het water moet berijden. Ik liep de zee in en spreidde mijn armen. Ik zwom tot ik alleen nog maar dat schip zag.

Geschreven door Alma Mathijsen

Models: Maurits & Alma

Fotografie, november 2021, Aruba